Terug naar Normale versie

Dit artikel geeft verantwoording voor de bewering gemaakt in ons persbericht van 1 Mei,
Positie arbeiders structureel verbeteren

KOOPKRACHT AMBTENAREN WEL DEGELIJK GEDAALD MET ca. 25%

De politieke combinatie UPS-DOE hecht aan een moderne wijze van politiekvoeren. Dit brengt met zich mee dat er in tegenstelling tot andere politieke partijen geen loze beweringen en beloften gedaan worden, maar zaken steeds gefundeerd aangekaart worden. Zo ook de verklaring omtrent de koopkrachtdaling van ambtenaren met circa 25%, welke het Planbureau thans betwijfelt (zie reaktie in Dagblad dd. 6 mei). Hierbij werd gedoeld op de jaren 2003 en 2004. UPS-DOE heeft van dit gegeven gebruik gemaakt om aan te geven dat de positie van arbeiders verbeterd dient te worden en tevens om de dubieuze rol van vakbondsleiders aan de kaak te stellen. Waarom vragen de vakbondsleiders immers nu pas loonsverhogingen, terwijl al in 2003 de koopkracht met 20% achteruit is gegaan? De informatie hieromtrent haalden wij uit een rapport van het Planbureau getiteld: Macro-Economische Verkenningen 1999-2003 met als publicatiedatum december 2004. Op pagina 72 staat letterlijk:

“ Het gewogen gemiddelde van de koopkracht voor de 4 categorieen ambtenaren bedraagt ... in 2003 -20% en voor 2004 is de schatting -4%. ”

Kortom het Planbureau geeft zelf aan dat de koopkracht in zowel 2003 als 2004 achteruit is gegaan. Samen opgeteld voor beide jaren is dit een achteruitgang van 24% (-20% plus -4%), hetgeen afgerond ca. 25% is. Als je het gemiddelde van 2004 zou afzetten tegen het gemiddelde van 2002 dan kom je op een gemiddeld indexcijfer van 103 t.o.v. 134 oftewel een achteruitgang van 23%, hetgeen ook nog steeds ca. 25% is. De burger en ook een politieke partij is vooral geinteresseerd in de meest recente cijfers d.w.z. de cijfers van de laatst beschikbare jaren (in dit geval 2003 en 2004). Deze cijfers van het Planbureau (zie tabel 7.4.1.) staven dus de verklaring van UPS-DOE dat de koopkracht van ambtenaren met circa 25% is gedaald in de afgelopen jaren. Tevens laat de tabel duidelijk zien dat de koopkracht van ambtenaren gedurende het Nieuw Front bewind substantieel is verslechterd. Immers is tussen 2000 en 2004 de indexwaarde, en dus de koopkracht, voor alle categorieën ambtenaren gedaald. De index in het jaar 2000 gemiddeld 126, terwijl dit in het jaar 2004 gemiddeld 103 was.

Tabel 7.4.1 Koopkrachtontwikkeling van ambtenaren naar kader
(index 1998 = 100)
Salarisschaal Niveau 1999 2000 2001 2002 2003 2004
Schaal 1-8 Lager 130 133 119 157 123 117
Schaal 9-14 Midden 119 124 101 131 108 104
Schaal 15-20 Hoger 115 123 95 114 91 89
Schaal 21-24 Top 115 125 93 132 107 102
Bron: Planbureau

Dit artikel is online bereikbaar: http://doepartij.org/artikel/arbeiders_vervolg/
De Politieke Partij voor Democratie en Ontwikkeling in Eenheid (DOE)